donderdag 16 maart 2017

"Wanneer" is (het) geschiedenis? groep 4


Ik wilde graag een niet methode-gebonden taalles geven aan groep 4, waarbij tevens aandacht aan geschiedenis en hoe iemand leeft gegeven wordt. We oefenen namelijk met het "wanneer" in een zin en natuurlijk past de integratie met geschiedenis daar uitstekend bij. Daarbij wilde ik leerlingen laten samenwerken. Dus om het wanneer-deel in een zin te oefenen, gaan leerlingen in duo's interviews afnemen.

Introductie
Ik vertel de leerlingen allereerst het doel van vandaag:

Bron: #eenhandjevanroos

Ik vond een grappig filmpje over hoe mensen vroeger sliepen.
Eerst nemen we de instapkaarten met instructie uit de methode door.





Dan laat ik het filmpje zien. Kunnen de leerlingen ontdekken welke wanneer-delen zij in het filmpje tegenkomen?

Dit is de link:
http://www.schooltv.nl/video/de-geschiedenis-van-het-slapen-van-de-prehistorie-tot-nu/#q=

Instructie
Ik heb zelf werkbladen gemaakt, waarbij leerlingen in een interview gaan oefenen met het wanneer-deel. Het interview met Peter, lees ik voor. Ik bespreek met de leerlingen de wanneer-delen in het interview. Dan gaan leerlingen in twee-tallen vragen stellen aan elkaar met de vragen kaartjes. De antwoorden schrijven ze in wie, doet, wat, wanneer vorm op. Hieronder zie je een voorbeeld. (verkrijgbaar in pdf)


Interview met Peter

Peter is op 4 oktober jarig. Hij slaapt graag de hele dag. In de ochtend eet hij ontbijt. Na het ontbijt gaat hij sporten. Op maandag en dinsdag gaat hij naar school. Peter is het gelukkigst als hij mango eet. Hij krijgt zijn mango altijd op zijn verjaardag en in de vakantie. Als hij op vakantie is leest hij een boek. Hij gaat in de zomer op vakantie. Peter leerde tijdens zijn laatste vakantie lezen en ook een beetje schrijven. Hij was toen 5 en werd bijna zes.

Interview met je klasgenoot
Opdracht 1
Je gaat je klasgenoot interviewen en schrijft dit op zoals dat ook in een magazine gedaan wordt, net zoals het interview met Peter.
Hoe? Je stelt vragen aan je klasgenoot met het wanneer-deel. Gebruik hiervoor de kaartjes.
De antwoorden schrijf je op in goede zinnen. Er zit een wie, doet, wat, wanneer in.
Van alle zinnen bij elkaar maak je een mooi verhaal. Je mag spieken bij het verhaal van Peter, maar hij mag niet hetzelfde worden! Je mag elkaar wel helpen. Nu leer jij je klasgenoot goed kennen!

Voorbeeld:
Vraag: Wanneer kwam juf Rosalie in jullie klas stage lopen?
Antwoord: Juf Rosalie kwam in september stage lopen.

wie: juf Rosalie
doet: kwam
wat: stage lopen
wanneer: in september

Opdracht 2
Kleur in de zinnen het wie-deel rood.
Kleur in de zinnen het doe-deel groen.
Kleur in de zinnen het wat-deel  blauw.
Zet een streep onder het wanneer-deel.



#Eenhandjevanroos




 Vragenkaartjes om te knippen

Vraag 1:
Wanneer ben je jarig?
Vraag 2:
Wanneer ga je slapen?
Vraag 3:
Wanneer eet jij ontbijt?
Vraag 4:
Wanneer ga je sporten?
Vraag 5:
Wanneer ga jij naar school?
Vraag 6:
Wanneer ben jij het gelukkigst?

Vraag 7:
Wanneer krijg jij je lievelingseten?
Vraag 8:
Wanneer lees jij een boek?
Vraag 9:
Wanneer ga je op vakantie?
Vraag 10:
Wanneer leerde je lezen en schrijven?

#Eenhandjevanroos




Afsluiting
We bespreken klassikaal enkele interviews met de leerlingen.
Is er tijd over dan kan ik dit liedje laten horen boordevol wanneer-delen. Het is alleen meer voor de meisjes, maar toch wel leuk om te laten horen en lezen.



En dan is het al weer tijd voor de volgende les: schrijven.

Tot gauw!
Juf (in opleiding) Roos








Geen opmerkingen:

Een reactie posten